Reeks 133

Van Voskuilen (I)

Zie voor de oudere generaties: Reeks 2

De lezer zij gewezen op de argumentatie voor met name de generaties 13 tot 15 en 18. Verwijzing waar deze argumentatie te vinden is vindt u bij de Bronnen (onderaan de Reeks).

13. N.N. Florijsdochter van Holland, geb. (buitenecht.) omstr. 1115, mogelijk identiek met Adewij van Vorensis, vermeld in een acte van 1157, begr. 11 okt. 11..?, tr. omstr. 1130 Hugo (III) van Voorne, geb. omstr. 1100 (zoon van Hugo (II), heer van Voorne vermeld 1108), heer van Voorne, overl. voor 1156.

14. Dirk van Voorne, geb. omstr. 1135, ridder, vermeld 1156 en 1189, getuige 3 okt. 1174, volgde zijn broer Floris op als heer van Voorne 1174-1189, mogelijk bouwer van de burcht bij Oostvoorne, voerde als wapen een gouden aanziende leeuw op rood, tr. N.N. van Naeldwijc (Nadelwick), Unarchsdr. (dochter van Unarch van Nadelwich, vermeld 1156), erfdochter van Naaldwijk

15. Bartholomeus van Voorne (van Maerlant), geb. Voorne omstr. 1170, jongste zoon van Dirk, heer van Voorne, werd door zijn broer Hendrik beleend met goederen te Naaldwijk die waren ingebracht door hun moeder, bewoonde de hofstede bij Zwartewaal, deed met zijn broers Hugo en Dirk afstand van de vissersrechten van Gescenmunde ten behoeve van hun zonden 1199, vermeld 1203.

16. Hugo I van Naaldwijk (van Voorne), geb. omstr. 1195, bezat goederen te Naaldwijk en Zwartewaal, vermeld bij transport te Dirksland 1220 en als getuige in 1223, 1225, 1226, 1229 en 1230, droeg de titel van Erfmaarschalk van Noord-Holland, tr. van Velsen, N.N., erfdochter van de heerlijkheid Velsen en het bos Schoonhoven bij Velsen

17. Hugo II van Naaldwijk, geb. Zwartewaal (?) omstr. 1220, verkocht tussen 1248 en 1263 de heerlijkheid Velsen en Zwartewaal en vestigde zich definitief in Naaldwijk, werd door zijn neef Hendrik, heer van Voorne beleend met Huntsele en de goederen onder Monster, de Lier, Maasland en bij de kapel van Wateringen 1257, kocht deze van diens erfgenamen voor 800 pond Hollands 1261, overl. na 1263

18. N.N. Hugosdr. van Naaldwijk, geb. omstr. 1240, bracht bij haar huwelijk o.a. het blok de Doortoghe onder Naaldwijk en goederen te Monster mee, tr. omstr. 1255 Floris van Brederode, geb. Santpoort omstr. 1225 (zoon van Dirck van Brederode (van Teylingen), heer van Brederode, en Alveradis van Heusden), jongere broer van Willem, heer van Brederode, vermeld 9 okt. 1270 als bloedverwant van heer Dirk van Heusden, beleend voor 1266 met het goed de Doortoghe met 33 morgen, ambachtsheer van Zevenhuizen en Zegwaard, vermeld als getuige van Floris V 1292, 1296 en van heer Dirk van Brederode bij diens verzoening met graaf Floris V 1296.

In oudere studies werd als echtgenote van Floris van Brederode opgevoerd een dochter van Jan Persijn van Putten, getrouwd met een dochter van Hugo van Voorne. Deze filiatie was mede gebaseerd op het feit dat Niclaes III van Putten, een vierendeel van Beatrijs van der Doortoghe (kleindochter van Floris van Brederode) wordt vermeld in 1309. Beatrijs’ moeder Ermgaert werd op basis van de tweede vierdeel Willem heer van Naaldwijk zelf ook als een van Naaldwijk beschouwd.
Hugo van Voorne, de schoonvader van Jan Persijn was zelf een jongere broer van Floris en Dirk van Voorne. Na overlijden van Floris werd Hugo beleend met de parochie Putten langs de Striene. Hij overleed tijdens zijn deelname aan de Derde Kruistocht in 1189. Zijn geboortedatum kan op 1145 geschat worden. Zijn (onbekende) dochter moet dan omstreeks 1180 geboren zijn, om kort voor 1213 met Jan Persijn in het huwelijk te treden. Een dochter uit dit huwelijk zou dan omstreeks 1215 geboren moeten zijn. Gezien het feit dat het huwelijk van Floris van Brederode rond 1255 gesloten moet zijn, is deze aanname erg onwaarschijnlijk.
Verder is ingebracht dat het huis Ter Doirtoghe bij Huntsele (Honselersdijk) dat voor 1266 in bezit kwam van Floris van Brederode, in Naaldwijk stond en wellicht via een huwelijk met een van Naaldwijk is verworven. Dit lijkt bevestigd door het feit dat Hugo II van Naaldwijk in 1257 met Huntsele is beleend door zijn neef Hendrik heer van Voorne. Bij een geschatte overlijdensdatum van Hugo omtrent 1263 moet het goed Huntsele kort na die tijd num exoris aan Floris van Brederode zijn overgedragen.

19. Jan van der Doortoghe, geb. Santpoort omstr. 1260, jongere broer van heer Dirk van der Doortoghe, waarschijnlijk stichter van het huis Ter Duyn onder Zevenhuizen, sneuvelde Slag bij Vronen 27 mrt. 1297.

20. Willem van der Duyn, geb. Zevenhuizen na 1283, onder voogdij van Dirk van der Doortoghe (1297), beleend na een geschil met heer Dirk van Doortoghe met 10 morgen land te Zevenhuizen door de heer van Brederode 1306, schout Zevenhuizen 12 nov. 1320, heemraad van Schieland 1347/48, overl. ná 22 apr. 1348, tr. N.N., vermeld op het wapenbord van haar kleinzoon Daem van der Duyn, stamde uit een geslacht dat een wapen met twee rode kepers op goud voerde.

21. Jan (I) van der Duyn, geb. omstr. 1310, beleend met het leen van Brederode met het huis ter Duyn en 10 morgen land te Zevenhuizen 22 apr. 1348 door zijn vader Willem van der Duyn, overl. 1369, tr. (2) Aechte (van Hoyleede?), tr. (1) omstr. 1335 N.N. Jansdr. van Egmond, (dochter van Jan van Egmond, vermeld Haarlem 1312, en N.N.), vermeld in het wapenbord van haar zoon Daem van der Duyn, heer van Sprang, overl. tussen 1335 en 1362).

22. Jan (I) heer Janszn. van der Duyn, geb. omstr. 1340, leenman van Brederode met 66 morgen land tussen 1377 en 1386, bestaande uit de 10 morgen en het huis Ter Duyn en toegevoegd 56 morgen, pachter van de bieraccijns te Moordrecht 1383, kreeg het recht op turfwinning te Zevenhuizen op 15 morgen 6 okt. 1386, poorter van Gouda 1386, kocht land te Moordrecht 10 mei 1392, voegde bij bepaling toe dat bij gebrek aan wettige nakomelingen zijn goederen toekwamen aan zijn onwettige nakomelingen, overl. kort voor 12 mei 1400, tr. omstr. 1360/65 * N.N. (Wolfaertsdr. ?), misschien een dochter van Wolfaert Hughemansz. (van Vorenbroeck, vermeld 1358-1382) uit het geslacht dat zegelde met drie krauwels.

23. Wolfaert Jansz. van der Duyn, geb. Zevenhuizen omstr. 1360/65, beboet wegens het vechten met een priem te Gouda 1385, poorter te Gouda 21 dec. 1393, beleend met het leen van Brederode 9 juni 1400 na de dood van zijn vader, eigenaar van de Blijdorpse polder 26 febr. 1402, aangeschreven door hertog Willem van Beieren om met een glavie in zijn ‘voederinge” te komen, voegde zich bij het Hollandse leger in Woudrichem met 2 mannen okt. 1407, eigenaar van een huis in de Conincstraat in Gouda 12 juni 1408, beveling van de helft van het baljuwschap van Rotterdam 29 mei 1411, beleend met de zwaandrift van Schieland 1414, baljuw Rotterdam 9 juni 1415, borg voor de financiële verplichtingen van hertog Jan van Brabant ten opzichte van de Hollandse steden 26 aug. 1418, werd door hertog Philips bevolen het bos en zijn huizen in de ban van Zevenhuizen rond de kerk te schenken aan Willem, bastaard van Egmond 25 mrt. 1427, beleend met 4 morgen land te Zevenhuizen 1429 (waardoor hij zijn goederen terugkreeg nadat hij zich met hertog Philips had verzoend), overl. 1429/30, tr. omstr. 1385 N.N. Pietersdr. van den Oudendijck (Venijn), (dochter van Pieter heer Jansz. van den Oudendijck, schout van Beukelsdijk, Schoonderloo en Berkel, vermeld 1368-1385, en Gheertruud N.N.)

24. Pieter Wolfaertsz. van der Duijn, geb. Zevenhuizen omstr. 1385/90, opgeroepen ter vervanging van zijn vader in de Arkelse oorlogen bij Schoonhoven 1412, begiftigd met de "Orde van de Hollandsche Tuin", verkoopt de helft van 8 morgen 4 hond land te Alphen 2 mei 1416, lijfwacht van Jean de Touraine (eerste echtgenoot Jacoba van Beieren) 1416-1417, nam deel aan het Hoekse verbond en werd als zodanig verbannen met zijn vader 1427-voor 1430, beleend met de visserij in de Rotte 15 mei 1430 en met het leen van Brederode 9 juni 1430 en met de zwaandrift van Schieland 27 sept. 1430 die hij direct doorverkocht aan Willem heer van Naaldwijk, poorter Rotterdam vóór 1440, overl. Rotterdam vóór 28 apr. 1440, tr. Weyburg van Montfoort, had een relatie met een onbekend meisje.

25. Adriaen Pietersz. van der Duijn, bastaard, geb. omstr. 1415/20, wordt 19 juni 1440 met het leen van Brederode en het huis ter Duyn beleend, moet dit later afstaan aan zijn oudoom heer Daem van der Duijn (heer van Sprang na 1379-1417), werd benoemd tot schout te Moordrecht 1449-1452, later vermeld schout Zevenhuizen 1461, 1478, overl. Zevenhuizen tussen 1478 en 1481, tr. Lijsbeth N.N.

26. Pieter Adriaansz. van der Duijn, geb. omstr. 1460/65, schout Zevenhuizen 1519-1532, overl. ald. tussen 1536 en 8 okt. 1539, borg voor Arien Sciltman te Moordrecht 1526.

27. Jacob Pietersz. van der Duijn, geb. Zevenhuizen omstr. 1495/1500, molenmeester te Zevenhuizen, van de Clammolen 1535, van de Catgensmolen sinds 14 okt. 1552, vermeld i.v.m. de aanleg van een dijk tussen Zevenhuizen en Bleiswijk 13 mei 1538, vermeld in de kohieren van de 10e penning van Zevenhuizen als eigenaar van 14 morgen land 1543, postuum vermeld als ‘kasteleyn tot sevenhuysen’ (mogelijk op huis Ter Duyn), overl. tussen 14 okt. 1552 en 1553, tr. N.N., vermeld in het kohier van de 10e penning van Zevenhuizen 1553 als weduwe van Jacob Pieters. Verduijn.

28. Pieter Jacobsz. van der Duijn, geb. Zevenhuizen omstr. 1530/40, won. Nieuwerkerk a/d IJssel, schepen ald. 1591, 1600, 1601, 1605, eigenaar van een huis op het dorp Zevenhuizen 4 aug. 1578, overl. Nieuwerkerk a/d IJssel tussen 9 febr. 1607 en 20 nov. 1608, tr. (1) Neeltgen Ariens, tr. (2) Grietje Pietersdr. (dochter van Pieter Jorisz., landbezitter onder Nieuwerkerk a/d IJssel 1553, 1557 en 1562, en Barbara (Barber) Bouwensdr.).

29. Willem Pietersz. van der Duijn, geb. omstr. 1575/80, won. Cortland onder Nieuwerkerk a/d IJssel, overl. vóór 4 apr. 1637, tr. Maritge Jans Fransz.dr. (dochter van Jan Fransz., landeigenaar bij Cortland onder Nieuwerkerk a/d IJssel 1605, en Maritgen Lenertsdr.), overl. vóór 29 okt. 1663.

30. Pleuntje Willemdr. van der Duijn, geb. Nieuwerkerk a/d IJssel omstr. 1605/10, tr. (2) Nieuwerkerk a/d IJssel 3 okt. 1670 Theunis Joosten, tr. (1) omstr. 1635/40 Willem Cornelisz. de Jong(h)e, (zoon van Cornelis Willemsz. de Jonge, won. Cortland onder Nieuwerkerk a/d IJssel, en Maritge Pietersdr. Jongejan), won. Cortland onder Nieuwerkerk a/d IJssel, vermeld in kohieren van de 10e penning ald. 1652, 1659, 1667, overl. ná 19 dec. 1666.

31. Pietertje Willemsdr., de Jong(h), geb. omstr. 1635/40, tr. voor 20 juli 1661 Pieter Fransz. van Dijck, (zoon van Frans Pietersz. Fransz., won. Cortland, en Maritje Maertensdr. Bloet), won. Cortland onder Nieuwerkerk a/d IJssel, overl. ná 14 aug. 1680, tr. (2) 1668/69 Pietertje Willemsdr.

32. Crijntje Pietersdr. van Dijck, geb. Nieuwerkerk a/d IJssel omstr. 1655/60, lidmaat Zevenhuizen 19 mrt. 1687, overl. (impost) 17 okt. 1736, tr. (2) Zevenhuizen 1 mei 1721 Kornelis Kornelisz. Francken, tr. (1) Zevenhuizen 26 dec. 1683 Jacob Jansz. (van de) Groenewegh, geb. Zevenhuizen omstr. 1657 (zoon van Jan Ockersz. Verbeeck alias Groenewegh en Ariaentje Cornelisdr.), lidmaat aldaar 19 mrt. 1687, schepen Zevenhuizen 1694, overl. (impost) aldaar 29 apr. 1720.

33. Arij Jacobsz (van de) Groenewegh, ged. Zevenhuizen 22 okt. 1704, overl. (impost) Hillegersberg 6 juni 1743, tr. Zevenhuizen 30 sept. 1725 Biersteker(S), Aeltje Jochumsdr., ged. Zevenhuizen 23 nov. 1704 (dochter van Jochum Dirksz. Biersteker en Aaltje Coenendr. van Reed), overl. (impost) Hillegersberg 12 aug. 1745.

34. Marie Ariens Groeneweg, ged. Zevenhuizen 14 juli 1726, testeerde voor notaris Daesdonk te Gouda 18 okt. 1800, overl. Reeuwijk 30 jan. 1804, tr. Reeuwijk 9 mrt. 1749 Dirk Jansz. Perdijk, (ged. Johan Dietrich Pardieck bij Mariendrebber, Diepholz (Dld.) 19 apr. 1719 (zoon van Johann Pardieck), verhuisde omstr. 1746 naar Bergschenhoek, won. Zevenhuizen 1756/58, vervener won. Reeuwijk, bezat een 'huys met erf groot 1 morgen 300 roeden op Vogelezang'.

35. Neeltje Dirkse Perdijk, geb. Hillegersberg omstr. 1756, tr. Reeuwijk 17 dec. 1780 Pieter Ariensz. Jongeneel, ged. Reeuwijk 5 aug. 1753 (zoon van Ary Cornelisz. Jongeneel, veenarbeider te Zwammerdam 1747, en Maria Jansdr. Matse), vermeld 30 jan. 1804 als erfgenaam van f 45,- uit de nalatenschap van Marie Groeneweg en verder aangekocht op boelhuys voor f 117.3.

36. Martha (Pietersze) Jongeneel, geb. polder Willens, ged. Sluipwijk 19 okt. 1788, arbeidster, overl. Sluipwijk 22 juli 1859, ondertr./tr. Reeuwijk 12 febr./8 mrt. 1808 Jacobus Jacobs van Wensveen, geb. Hillegersberg 31 aug. 1777 (zoon van Jacob van Wensveen, arbeider te Hillegersberg 1775-1787, later te Zevenhuizen, en Jaapje Schippers), arbeider in het veenland, woonde Reeuwijk in of voor 1808, woonde te Moordrecht 1828, overl. Sluipwijk 15 mrt. 1838.

37. Pieter van Wensveen, geb. Sluipwijk 17 febr. 1811, veenarbeider Sluipwijk 1835, overl. Reeuwijk 29 apr. 1898, ondertr./tr. Sluipwijk 16/29 dec. 1832 Antje van der Starre, geb. Sluipwijk 2 apr. 1810 (dochter van Frans van der Starre, arbeider te Sluipwijk, en Pieternella van Tol), arbeidster, overl. Sluipwijk 27 juli 1880.

38. Martha van Wensveen, geb. Sluipwijk 2 mei 1835, dienstbode Zwammerdam 1861, overl. Reeuwijk 24 dec. 1908, tr. Sluipwijk 13 mei 1861 Arie Schouten, geb. Sluipwijk 21 febr. 1830 (zoon van Maarten Schouten, turfschipper op Middelburg (ZH), en Gerrigje Klaasdr. Jongeneel), veenarbeider Reeuwijk 1861, overl. Reeuwijk 17 nov. 1914, tr. (1) Maria van der Star.

39. Maarten Schouten, geb. Sluipwijk mrt. 1863, veenarbeider, tr. Reeuwijk 26 aug. 1892 Pietje van Kempen, geb. Bodegraven dec. 1868 (buitenecht. dochter van Wijntje van Kempen, dienstbode Bodegraven 1868, werkster te Reeuwijk 1884), dienstbode (1892), overl. Bodegraven 21 aug. 1899.

40. Margaretha Francina (Martha) Schouten, geb. Sluipwijk bij Reeuwijk 6 dec. 1892, overl. Boskoop 10 mei 1972, tr. Reeuwijk 22 dec. 1911 Evert van Voskuilen, geb. Noord-Waddinxveen 23 dec. 1886 (zoon van Jan van Voskuilen, boomkwekersknecht op ’t Zuidwijk onder Boskoop 1899, en Adriana Windhorst), boomkwekersknecht bij Fa. Felix & Dijkhuis aan het Zuidwijk te Boskoop 1911, won. aldaar aan de Puttekade, overl. Leiden 3 mei 1928.
Ingezonden door: Edwin van Voskuilen 
Bronnen:
• C. Hoek “Het riddermatige geslacht van der Duyn uit Zevenhuizen” in Jaarboek Centraal Bureau voor Genealogie 1994 deel 48, blz. 47-87, Zuiddam, ISBN 90 70324 72 5 (betreft generaties 18 tot 26)
• Diverse internet pages over Europese adel.
• Website http://groups.yahoo.com/group/soc_nederlandse_adel/ ; artikelen 1540, 1553, 1561 en 1564 (betreft generatie 13 tot 15)
• Website http://groups.yahoo.com/group/soc_nederlandse_adel/ ; artikelen 1626, 1628, 1641 en 1679 (betreft generatie 18)
• Eigen onderzoek (betreft generatie 26 – 43)