(Tussen-)Reeks 195

Bovens (II)

Voor de oudere generaties wordt verwezen naar Reeks 194

24.  Margriete van Diedegem, tr.(1) Jan van Brecht, tr. (2) Goossen Mommaert geheeten de Cupere, (filius Goossens)

25.  Laureys Mommaert geheeten de Cupere van Sterdbeke (Sterrebeek), vermeld in 1390 en in 1397.

Goossen en Laureys Mommaert,worden vermeld in het Fonds Houwaert II 6489, f°305 en II 6492, f° 302.

26.  Aert Mommaert geheeten de Cupere, overl. vóór 1474, tr. met Machteld de Clerc (Clercx), overl. Zaventem na 1474, dr. v. Hendrick de Clerc en kl.dr. v. Jan de Clerc en Aleydis van Ransem.

De Mommaert’s geheeten de Cupere zijn ook eigenaars geweest van het Hof te Ransem te Erps (Eigen Schoon & de Brabander, XXVI, blz.16) en van de Borgmolen te Zaventem (Eigen Schoon & de Brabander, XXV, blz.47). 

27.  Elisabeth Mommaert, geheeten de Cupere uit Zaventem, overl. 1505, tr. met Daneel Stroobant, geb. Sterrebeek, zn. v. Daneel Stroobant en Elisabeth van den Assche, vermeld te Zaventem vanaf 1474, overl. vóór mei. 1492.  

Het echtpaar erft van Aert Mommaert in 1476 en 1484, landerijen te Moorseloo (Tervuren) op ‘den Thienbeemd’ en in het ‘Voorste veld’, alsmede ‘den hove geheeten de Swaene, waer de vs. Aerd Mommaert placht te wonen’ (RAL, Schepengriffie Zaventem, nr 6739,f°32).

In een akte van de schrijfkamers van de Schepenbank van Leuven, verleden op 4 mei 1492 verbinden zich de weduwe en kinderen van Daneel Stroobant tot de betaling van de helft van ‘XIX oude groten tornoysen erffelyck chyns’ aan Goord vanden Berghe, schepen van Leuven (Archief Leuven,Schepenbank 7385,,f°507-508).

De kinderen van wijlen Daneel Stroobant en Lysbeth Mommaert gaan op 15 oktober 1505 over tot de verdeling van de nagelaten  goederen gelegen onder Moorslo (Tervuren), Sterrebeek, Leefdaal en Vossem alsmede van diverse renten (Archief Leuven, Schepenbank 7398, f° 220 v°).

28. Daneel Stroobant, geb. ca. 1470, schepen van Tervuren in 1533, overl. vóór 1537, tr. met Elisabeth Poels, overl. 1522.

Daneel emancipeert zijn vijf kinderen voor de schepenbank van Tervuren op 16 maart 1522 (RAL Schepenbank Tervuren 7416, f°389).

De kinderen delen in 1537 en 1553 de ouderlijke goederen, o.a. een hertogelijk leengoed en de bossen geheten ‘de Blocken’ te Tervuren (RAL, Schepengriffie Tervuren, nr 1721,f°37 en f°257).

29. Pancratius Stroobant, heer en meester chirurgijn, geb. te Tervuren ca. 1504, overl. vóór 1584. Ingeschreven als student te Leuven 28 februari 1520 in het College van het Castrum, wordt ‘doctor in medicinis’ aan dezelfde universiteit. Schepen van Tervuren 1533 en 1544. Hij tr.(1) Brussel/Sint-Goedele 17 september 1530 met Petronella van Obberge geheeten van den Gersmoortere, geb. Grimbergen ca. 1505, overl. ca. 1540, dr. v. Jan van Obberge en Barbele van den Gersmoortere geheeten Vironen.

Pancratius erft in 1541 het ‘Lynmattenhuis’, met hofstede, schuren en stallingen, gelegen op het Morselooveld te Tervuren. In 1548 doet hij verhef van het leengoed ‘Poelsblock’ en de boomgaard ‘den gulden Cnop’ te Sterrebeek en van landerijen te Duisburg (Schepengriffies, nrs 6739, f°10, 11, 52 en 6743, f°126 en 127).

Uit hun huwelijk o.a.

30. Jan Stroobant, zie Reeks  194, nr 30  (Reeks Bovens I)

 
Ingezonden door:  J.N. Bovens

Bronnen:

  • Fonds Houwaert, Koninklijke Bibliotheek Albert I, Brussel.

  • J.F. de Coninck, Stroobant, Mechelen 1997 & Compliment op de genealogie Stroobant, Mechelen 2001;

  • L. Stroobant en J. Lindemans, Oude Brabantse geslachten - Stroobant, Eigen Schoon en De Brabander, jg XXVI nrs 5-6, blz. 177-188  (1943)  en jg   XXVI  nrs 7-12, blz. 246-280  (1943);

  • A. Meulemans, Bijdrage tot de genealogie van het oud Brabants geslacht Stroobant, in Eigen Schoon en De Brabander, jg 1977, nr. 10-11-12.