Reeks 72

Van Benthe(i)m

Voor de oudere generaties wordt verwezen naar: Reeks 8
De hierna volgende reeks is in meerdere opzichten zeer bijzonder: 
  • de reeks gaat in rechte mannelijke lijn (!) naar Hildegard van Vlaanderen (ca. 936 - 990) en via Hildegard´s moeder Adela van Vermandois in rechte mannelijke lijn (!) naar Karel de Grote
  • het betreft een jongere tak der oorspronkelijke graven van Holland
  • voor de volledigheid wordt tevens verwezen naar het vermelde onder generatie 17
15.  Boudewijn, graaf van Benthem, burggraaf van Utrecht, vermeld 1203-1247, overl. voor 9.5.1248. Begr. klooster Wietmarschen. Tr. Jutta (van Rietberg), overl. na 23.4.1246 en voor 9.5.1248. Begr. klooster Wietmarschen.   Hieruit o.m.:
  • Boudewijn, volgt hierna
  • Elisabeth, volgt Reeks 174

16.  Otto II (V), graaf van Benthem, graaf van Teckelenburg, burggraaf van Utrecht (tot 1267), voor het eerst vermeld 6.6.1243, overl. na 23.11.1274 voor 20.5.1276. Tr. voor 23.4.1246, Helewigis van Teckelenburg, erfdr. v. Otto II en Mechteld van Holstein, vermeld 1246-1254.  Tr. mogelijk 2) Jutta, vermeld 1272. 

17.  Walraven van Benthem, nobilis, heer van Heeswijk (en Dinther), vermeld 1284-1313, knaap (1297). Tr. voor 17.9.1284, Agnes van Heeswijk, erfdochter van Dirk II van Heeswijk, vermeld 1284-1297.  

    Dat Walraven van Benthem een zoon van Otto II van Benthe(i)m zou zijn is al verschillende malen onderwerp van discussie geweest (o.a. de Ned. Leeuw 1942/43 en M.J. Waale in de NL 1995) en wordt door de meeste historici niet als bewezen beschouwd. Hoewel er geen directe bewijzen voorhanden zijn, wordt e.e.a. gecompenseerd door een reeks indirekte bewijzen: 
    • Overeenkomst van wapen (zowel qua kleur als "lay-out"): Walraven voerde 8 goudkleurige bollen (3-2-2-1) op een rood veld, Otto II voerde er 15 (5-4-3-2-1) en diens vader Boudewijn 6 (3-2-1).
    • De 2e vrouw van Otto II heette Jutta (dit is een omstreden stelling, aangezien Otto II op latere leeftijd in het Duitse huis trad; Jutta komt echter 2x in een oorkonde voor, de laatste keer op 20.5.1276 als gravin-weduwe); Walraven had ook een dochter Jutta.
    • In 1267 vindt er een erfdeling tussen Otto II en zijn broer Egbert plaats; onder de goederen die Egbert verkrijgt is ook een hofstede te Westerholt (vlgs de Nederlansche Leeuw te Druten, doch waarschijnlijker te Geldermalsen); Uit een akte uit 1385 blijkt dat Johan van Benthem (de kleinzoon van Walraven 1284-1313) een "bouwynge int Westerhout" bezeten heeft.
    • In diezelfde oorkonde uit 1267 verkrijgt Egbert ook alle goederen te Geldermalsen; uit een oorkonde uit 1321 blijkt dat Walraven land te Geldermalsen bezat  (toen in leen gehouden van Jan van Arkel). Uit een oorkonde van 1327 blijkt dat ook Walravens broer Dirk land in de omgeving van Geldermalsen heeft bezeten.
    • In 1253 draagt Otto II zijn allodia in Gelre in leen op aan de graaf van Gelre, hieronder was ook zij allodium te Asperen. In 1306 belenen Walraven en zijn zoon Walraven, Otto van Heukelom met het halve gericht van Asperen.
    • In de 14e eeuw komen Johan en diens zoon tijdelijk in het bezit van de voogdij van St. Marienvelde en St. Mauritz te Munster en de wildbaan van Steinfurt. De voorgaande bezitters en opvolgers zijn leden van het geslacht Von Steinfurth. Walraven's tante Lisa (de zuster van Otto II) was gehuwd met Ludolf III van Steinfurth.
    • Otto II had goederen te Rhenen aan het Duitse huis te Utrecht geschonken, uit een oorkonde van 7.9.1311 blijkt dat Walraven goederen in leen had van het Duitse huis (de "leistung" i.v.m. de transactie diende te Rhenen te geschieden).
    • Bisschop Johan van Diest (van Utrecht) noemde Walraven van Benthem (de zoon van Walraven), vermeld 1306-1336, zijn neef. Hoe dit precies te verklaren is is nog niet bekend, echter Otto V van Tecklenburg (uit de manstam van de graven van Bentheim) was gehuwd met Cunegonde, erfdochter van Dalen en Diepenheim. Als weduwe trouwde zij met Willem van Kuyc, heer van Boxtel, die een zoon was van Willem van Kuyc en Maria van Diest. Maria van Diest was een zuster van bisschop Jan van Diest.
18.  Walraven van Benthem, heer van Heeswijk, (heer van Zoelen), drost van Salland (1331-1333), vermeld 1306-1336, ridder in 1328, overleden voor 1.8.1337.  Tr. N.N. van Halt, dr. van heer Otto van Halt en Elisabeth van den Boetzelaer.  

19.  Johan van Benthem, heer van Heeswijk, Dinther (Zoelen en Spaldorp); richter in de Neder-Betuwe (1361 en 1369), ridder (1360) vermeld 1337-1375, overl. voor 5.2.1378.  Tr. voor 26.3.1374, Mechteld van Lynden, dr. v. Dirk en Ermgard van Keppel; vermeld 1374-1385.  

20.  Walraven van Benthem, heer van Heeswijk, (half?)-Dinther, (Zoelen en Spaldorp), erfmaarschalk tot Gelre (1383), lid van de ridderschap van Kleve (1381) vermeld 1376-1391.  Tr. voor 13.7.1385, Geertruid van Steenbergen, dr. v. Peter, richter en rentmeester van de Veluwe 1365/66, overl. okt. 1373 en N.N., vermeld 1385-1391.  

21.  Johan van Benthem, heer van Spaldorp (en Zoelen), erfmaarschalk tot Gelre, lid van de ridderschap van het kwartier van Nijmegen (1418 en 1436), vemeld (1412) 1414-1437. Tr. voor 1.7.1415, Gertruida van Bylandt, dr. van Johan en een Jonkvrouw van Spaen, vermeld 1415-1474 (†).  

22.  Walraven van Benthem, geb. ca. 1425, gerichtsman van Kekerdom 1458; Op 1.3.1465 is er sprake van de "Walravenshoff" bij de kerk van Leuth. Tr. N.N.  

23.  Arnt van Benthem, geb. ca. 1465, schepen van Kekerdom en Leuth (1525-1536), vermeld 1513-1536. Tr. N.N.  

Hieruit o.a.:

  • Walraven, volgt hierna
  • Hans (Hendrick), volgt Reeks 198

24.  Walraven van Benthem, geb. ca. 1500, schepen van Kekerdom en Leuth 1553-1554, vermeld 1547-1557, woont op de Capittelshof te Leuth en is o.a. eigenaar van het land, met hoeve ("hoffstatt"), naast de kerk van Leuth (2 hont) in 1554.  Tr. ca. 1525, Anna Willems, geb. ca. 1505, vermeld 1571-1578, pachtster van de Ahlinge Hof te Leuth (is identiek aan de Capittelshof of Benthemshof).  

25.  Rutger van Benthem, geb. ca. 1535, vermeld 1593-1598, waarsch. overleden voor 5.3.1609, pachter van de Ahlinge Hof te Leuth, zijn pachtcontract liep tot 11.11.1610.  Tr.  N.N., vermeld 1597-1598.  

26.  Walraven van Benthem, geb. ca. 1580, kerkmeester van Leuth (1612), vermeld 1605-1612, sluit op 5.3.1609 een pachtcontract met het Kapittel van Kranenburg voor de Ahlinge hof te Leuth met ingangsdatum 11.11.1610. Hij is eigenaar van land (met hoeve) naast de kerk van Leuth (1612).  Tr. (Hildegonda N.N.).  
Hieruit o.m.:

27.   Johannes van Benthem, geb. ca. 1608, schepen van Kekerdom en Leuth (1664), kerkmeester van Leuth (1670), pachter van de Ahlinge hof te Leuth (in ieder geval van 1647 t/m 1672), eigenaar van land met hoeve, naast de kerk van Leuth 1667 (200 roeden = 2 hont), zie ook 1465, 1554 en 1612. Koopt 1669 perceel land van de kinderen van zijn zuster Geertruida. Overleden voor 1677 als zijn zoon Johan (de jongere) de pacht overneemt.  Tr. ca. 1638, Helena van Bergeren, geb. ca. 1615, voor het laatst doopgetuige in 1657.  

28.   Theodorus van Benthem, ged. 12.5.1647 te Leuth (get. Bartholomeus Sprong en Joanna van Kolk).  Tr.a. ca. 1678, Wilhelmina van Kolck, ged. 16.10.1650 te Zyfflich, dr. v. Theodorus van Kolck en Elisabetha Hendriks.  

29.   Theodorus van Benthem, ged. 25.7.1680 te Zyfflich (get. Joes van Benthem en Catharina Fleurkens), voor het laatst nog doopgetuige te Warbeyen in 1734.  Tr. Elten 24.8.1709, huw. get. Custode Godefrido Spronck en Gijsberta Hollanders, Henrica Hollander, ged. 25.6.1684, dr. v. Petrus Hollander en Gijsberta Jorissen, voor het laatst nog doopgetuige te Warbeyen in 1736. Waarschijnlijk eerder gehuwd met Philippi Jonckhans, met wie zij een dochter (Philippina) te Elten laat dopen op 17.3.1709.  

30.   Everardus van Benthem, ged. 1723 te Aerdt, (get. Wilhelmus Wanders en Maria Verborgh),  doopgetuige te Elten 1744, 1746 en 1748, betaalt in 1764 en 1765 heffing aan de Ned. Geref. Kerk te Lobith voor zijn twee overleden (katholieke) dochters. Tr. Elten 2.7.1751, huw. get. Jacobus van der Burgh en Maria van Benthem, Jacomina van der Burgh.  Tr. 2) Bartholomea van den Berg, waaruit o.a.: 

  • Theodorus Henricus, volgt Reeks 173
  • Henricus, volgt hierna

31.   Henricus van Benthem, ged. 7.5.1769 te Elten (zelfde dag geboren te Lobith), get. Ruth van Berk en Maria Pauwels, overl. 21.7.1842 te Lobith (Herwen en Aerdt). Beroep: Mandenmaker. Tr. Lobith 12.11.1793, huw. get. Theodorus van Benthem, Catharina Hartjes, Henricus Hartjes en Wilhelmina van Benthem,  Theodora Cornelissen, geb. ..3.1763 te Keeken, dr. v. Arnoldus Cornelissen en Anna Arntz, overl. 1.8.1830te Lobith (Herwen en Aerdt).  

32.   Everardus van Benthem, geb./ged. 9.10.1795 te Lobith, get. Theodorus van Benthem en Gertrudis van Berk, overl. 26.7.1849 te Lobith (Herwen en Aerdt). Beroep: Mandenmaker. Tr. Herwen en Aerdt 13.5.1824, Johanna Seesing, geb. 5.10.1792 te Lobith, dr. v. Stephanus Seesing en Engelberta Janssen, overl.12.9.1873 te Lobith (Herwen en Aerdt).  

33.  Henricus van Benthem, geb. 21.4.1829 te Lobith (Herwen en Aerdt), overl. 20.4.1920 te Lobith (Herwen en Aerdt), Beroep: Mandenmaker, later winkelier/koffiehuishouder.  Tr. Herwen en Aerdt 26.6.1858, Christina Güdden, geb. 21.8.1833 te Elten, dr. v. Franciscus Güdden en Elisabeth Rieken, overl. 14.1.1914 te Lobith (Herwen en Aerdt).  

34.   Everhardus Franciscus van Benthem, geb. 10.7.1859 te Lobith (Herwen en Aerdt), overl. 14.9.1925 te Utrecht. Beroep; Koster/Organist. Tr. Baarn 25.6.1895, Catharina Geertruida Polman, geb. 5.12.1859 te Baarn, dr. v. Johannes Jacobus Polman en Johanna Elisabeth Busink, overl. 9.12.1943.  

35.  Henricus Everardus Franciscus van Benthem, geb. 6.6.1901 te Baarn, overl. 14.10.1966 te Baarn.  Beroep: Kleermaker/Musicus.  Tr. Cornelia Jacoba Rodenrijs, geb. 20.5.1913 te Vlaardingen, dr. v. Emilius Leonardus Rodenrijs en Laurentia Petronella van Langen, overl. 6.10.1995 te Baarn.  

36.  Franciscus Emilius Antonius van Benthem, geb. 3.6.1943 te Baarn, overl. 23.1.1996 te Veelerveen. Beroep: Mediaplanner/Musicus. Tr. Baarn 22.5.1964, Jacoba Johanna Maassen (naamswijziging Recourt in Maassen bij K.B. No. 97.006005, d.d. 15.12.1997), geb. 8.5.1946, dr. v. Johanna Maassen en natuurlijke dochter van James Stanley Todhunter (Jim) Spracklin (Canada).  

37.  Guido Franciscus Henricus Hermanus van Benthem bc., geb. 8.8.1966 te Baarn. Beroep: Project Accountant. Tr. Baarn 26.7.1991, Nancy de Vries, geb. 5.10.1971 te Rotterdam, dr. v. Sjouke de Vries en Clara Migchelsen.  
Uit dit huwelijk:  
38a. Merel Hélène van Benthem, geb. 24.10.1991 te Baarn.  
38b. Jennifer Lisanne van Benthem, geb. 6.3.1994 te Harderwijk.

Ingezonden door:  Guido van Benthem
  • Bronnen:
  •