Leden van het Kleermakersgilde te Rhenen

(Met annotaties van de heren C.L. van Otterlo en Ph.J. van Dael)

Anno 1604 den 26 Febr. zijn bij dese hier naervolghede persoonen het Kleermaeckers, bontwerckers, droochscheerders, boorduerwerckers ende handtsnijders ende laeckencoopers zijn dese broeders opghericht vant Cleermaeckers gilt.

Jan Verhuedt verweerder (?) ouderman

Johan Aelbertsen Verweij ouderman

Huijbert Lijster proefmr.

Matheues Guertsen proefmr.

Adriaen Willemsen

Willem van Liemer

Jan Woutersen van Rooijen

Gevert Dionijsen

Anthones van Brenck

Ott Adriaensen

Willem Gerritsen Bock

Anthones Jansen Lambertsen

Walraven Lijster

Cornelis Ammelsen

Josep Adriaensen

Gerrit Woutersen

Ariaen Ariaensen Verhuedt

Jan Jansen Smit

Goosen Claesen

Anthones Aelbertsen Buddingh

Jacob Petersen

Johan Aertsen laeckencooper

de weduwe van Jan Aertsen

Peter de Kemerlingh

Anthones Cornelesen Mol

Adriaen Diercksen

Hendrick Thonesen bode van tgilt

Hendrick Jaspersen

Johan Willemsen

Johan Jansen van Huesden

Johan Thonesen Slocker

de weduwe van Jan Thonesen Slocker

Hermen Otterman

Wouter Goosensen van Suijlen

Peter de Bruijn

Bastiaen Cornelesen

Johan Jansen Stock bode van tgilt

de weduwe van Jacob Petersen

Beerndt(?) Willemsen Kam hoedemacker

de weduwe van B...(?) Willems hoedema(cker)

de weduwe van Willem van Liemer

Marij Peters dochter

Anthoni van Altorp substituijt scholtis tot Rhenen Anno 1606

Gerrit Jansen Guertsen

Gijsbert Jansen

Corneles Hermensen van Hoocht

Peterken Jerphaes Kemerlingh

Fredrick Woutersen

Hendrick Huesden

Walraven Thonesen

de weduwe van Walraven Thonesen

Steven Jelisen

Jan Willemsen Wilhelmus(?)

Dierck Cornelesen van Wagheninghen

Roelof van Graensburch

Andries van Ameronghen

Rutgher van Brenck

Jan Aertsen Struijck

Willem Otten(?) inghecomen 1621

Herbert Cool inghecomen 1622

Adriaen Thonesen inghecomen 1623

Berendt Jerphaesen

Rijck Anthonesen inghecomen 1626

Ariaen van Lueven

Dierck Verweij

Hendrick Hendricksen Sicketen(?)

Aert Aelbertsen inghecomen 1630

Mathues Lijster de Jonghen

Jerphaes Diercksen Soet

de weduwe van Jerphaes Diercksen Soet

Albert Albertsen Dionijs inghecomen 1631

Jacob Evertsen Tin inghecomen 1632

Jan van Leersum inghecomen 1632

Jacob Petersen inghecomen 1634

Jan Gerritsen inghecomen 1634

Jan Backen(?) inghecomen 1635

Jan Gerritsen Stip inghecomen 1636

Grietie Peters de Bruijn inghecomen 1636

Willem Willemsen Lobe inghecomen 1637

Hermen Jerphaes inghecomen 1637

Tijs gesto....(?) ijnt Jaer 1697 intganck betaelt (vrij zeker betreft dit Mattias Mostert)

.....(?) Jan Ossten (of Otten?) barbier heeft het gilt vereert met een Rijxdaelder mits condietie dat hij dat gehouden wesen te betalen neffens andere gilt broeders en oft gheviel dat hij quaem te trouwen dat hij alsdan het gilt sal voldoen ende op den Rijcxdaelder sal aan tellen -

Hendrick Jansen inghecomen 1639

Evert Lijster inghecomen 1638

Evert Cornelesen Bruijnsw(eert?) inghecomen 1638

Anthoni Thonesen inghecomen 1638

Anthoni Walravens inghecomen 1639

Cornelis Goosensen inghecomen 1640

Goosen van Suijlen inghecomen 1641

Goosen Jerphaes inghecomen 1642

Jasper Vereest inghecomen 1642

Arien Jacobsen Schenchof 1642

Pons Danielsen inghecomen 1641

Guert Gouda is int gilt ghecomen int Jaer 1645

Jan Steck is int gilt ghecomen sonder proeff maer soo hij werckt voor een ander sal hij sijn proef doen naer

behoren 1646

Arendt Willemsen heeft sijn proef niet naer behooren ghedaen 1648

Arendt Wichaert heeft sijn proef ghedaen 1652

"Ick geef nu mijn intganck met de restante die ijck voor twee jar voor de geildebroers verscotten heeb"

Louwies Roosen heeft sijn proef ghedaen 1653

Anthoni d.Rondt heeft sijn proef ghedaen 1654

Anthoni van Brenck is int gilt ghecomen int Jaer 1658

Jan van Suijlen heeft sijn proef ghedaen int Jaer 1659

           uijtgestorven int Jaer ....(?) Julij

Aert Boonsaeijer is int gilt ghecomen int Jaer 1659

(doot) Roelof Hendricksen van Noort is int gilt ghecomen int Jaer 1660

de weduwe van mr. Jan Lindenis is int gilt ghecomen int Jaer 1661

Berendt van Voorburch is int gilt ghecomen int Jaer 1661

den 3 septem(ber) des Jaers 1661 is Isbrandt van Brueghel int gilt ghecomen

Jerphaes Hermensen heeft sijn proef ghedaen int Jaer 1662

(doot) Claes van Drueten is int gilt ghecomen int Jaer 1663

Hendrick van Seeghen is int gilt ghecomen int Jaer 1663 op de selve condietie als sijn swaegher Guert Gouda (de tekst is doorgehaald)

Roelof Fransen Vermeer heeft sijn proef ghedaen int Jaer 1664

...st(?) Jansen Stip heeft sijn proef ghedaen int Jaer 1665

Peter van Hoeven heeft sijn proef ghedaen int Jaer 1667

Hendrick Joosten Vastrick is int  tgilt ghecomen int Jaer 1667

Jason van Hovenesent(?) gijlt gekomen int Jaer 1669

Willem Roosen is int gilt gekoomen en sijn proef gedaen int Jaer 1669

(doot) Willem van Branden is int gilt gecomen en heeft sijn proef gedaen int Jaer 1670

Cornelis Lammersen Int Gilt gecomen Anno 1671

Jelis Meessen Int gilt gecomen Anno 1671

Jan Petersen de Roij Int Gilt gecomen Anno 1671

Daniel Maes Int gilt gecomen Anno 1671

Agata van Valkesteijn Int Gilt gecomen Anno 1671

Jan Aerensen Verrest heeft het Gilt Gecomen anno 1672

Anthoni de Vrint is int gilt gecomen int ijaer 1674 en betaelt

Gijsbert van IJngen is int gilt gecomen int ijaer 1674 en betaelt

Huijbert Budding is int gilt gecomen 1679 en betaelt en heeft sijn proef gedaen

schepen IJan van Geijn is int gilt gecomen 1678 en betaelt

IJan ter Horst id int gilt gecomen 1678 en betaelt

Cornelis van Wijck is int gilt gecomen 1679 en betaelt

Gerret de Raet is int gilt gecomen 1680 en betaelt

de dochter van Brenck te weeten IJohana van Brenck heeft het gilt gewonnen doch sal betaelen den 1 sept. 1683

       het gilt voldaen op datum den 3 7b.(september)1683

Michiel van Oss heeft vant Jaer 1683 het kleermakersgilt gewonnen als mede sijn proef gedaen als mede betaelt met somma van 7-0-0

IJapijck van den Oosterkamp dije heft sijn b...(?)

vooldaen 7-0-0

Bij 't gemaend gilt is verstaan Op den 2de 7b.(september) 1685 dat Hendrick van Zegen nooijt sall hebben te teren oft sal sijn achterstaand eerst ten vollen betaalt hebben (tekst is doorgehaald)

Johannis Cornelissen Baembos heeft sijn proef gedaen int Jaer 1687.

Gerrit Hendricksen is int gilt gecomen en voldaen.

Engel van Holthuijsen lugt ..(?) is int gilt gecomen en het gilt voldaen 1688.

Op den 15 september 1690 Berber de Vael heeft haer aengegeven om toecomende te betaelen.

Op den 31 septemb(er) 1692 is tot Gildebroeder aengenomen Aert Berendsen Vergeer.

Op den 31 septemb(er) 1693 is tot gildebroeder aengenomen Joost Gertsen de Bruijn.

Op den 31 septemb(er) 1694 is tot gildebroeder aengenomen en heeft sijn proef ten vollen gedaen Henrick van Maenen.

Int Jar van 1696 heeft Helmert Gertsen van der Horst int Geilt angegeven om sin verringh (?) te doen dat het geilt angaert.

Int Jar van 1696 heeft Antony van Holthusen sin proef ten vollen gedaen.

Int Jaer van 1697 heeft Gerrit van Alwijck sighs an gegeven om het geilt te voldoen dat dar toe staet de vrouw cont het gild (?).

1698 heeft Aedrianis Luijte seg aengegeven en 1699 betaelt. (Adriaen Luijten, j.m. van Schenkenschans, wonende te Nijmegen, tr. Rhenen in 1695 met Margriet Verweij.)

1699 heeft Frans Palmert hem aengegeven en het geilt voldaen door tog de weeten hont het geilt aen (?).

1703 heeft Aeltgen van Brummen ...(?) aen het cleermakersgilt gegeven (tekst is doorgehaald).

1703 Anna de Kruijf heeft haer aengegeven aen het k(l)eermakersgilt om alle ijare op den teerdage aen het selve te betalen de som 2-0-0 segge ¦ 2-0-0.

Gijsbert van ...(?) dochter Dijercks heeft ...(?) aen gegeven aan het kleermaeckers geilt om te betalen alle ijaer 2 gulden.

1708 heeft de vrouw van Johannis de Wit haer aengegeven aen het cleermakers Gilt om alle Jaer op den Eersten september te betalen twee gulden.

1714 heeft Johannis de Wit sijn vrouw haar aan gegeven om alle Jaar op de teerdag te betalen 2-0-0.

1751 Heeft de heer Adrianus Roghaier hem aan 't kleermaeckersgilde aangegeven en den 2 september

voldaan ¦ 4-0-0.

1707 heeft Cornelis van Os sijn proef gedaan en het gild gekonsenteert.

1707 heeft Arnoldus van Ommeren het gild gewonnen om neerringe te doen het gild aangaende en o(o)k der selven geregtigheijt betaalt.

1706 is aangenoomen in 't kleermakers gild als meede gildebroeders der persoon Reijnia van Pothooven en Jan Hendriksen van Deutekom om het selve cantwerk te moogen exerseren te Agterbergh inde Greb tot Remmerten en Elst.

Daar voor betalen de alle Jaer op de teerdage of de 1 september twee karol. guld. van twintigh stuijvers het stuck maar binnen deser stad of aan de huijsen die buijten de Rijnpoort staan of aan het veerhuijs of aan de buijten moole niet moge ook geen werk daar te moogen hale nogh brengen op de verbeurten van de boete die daar toe gestelt is in den gildebrief.

Jan Dirkse heeft hem aan gegeven int Jaer 1708 om op de voorgeschreve wijse te moogen gaan werken te Aghterberg in de Greb en tot Remmerten en Elst om alle Jaer daar voor te betalen twee guld.

Cornelis van Scherpenseel ook op de voorgeschreven wijse om te Achterbergh in de Greb Remmerten en Elst het kantwerk te mooge doen mits daar voor betalen de alle Jaar op den teerdagh twee guldens aan gegeven int Jaar 1708.

Op huijden den dato onders. hebben de ondergeschreven gildemeesters en gildebroeders van het kleermaeckers gildt binnen Rhenen tot haren mede gildebroeders aen genomen de persoon van Reijnier van Pothoven, sone van  Brant van Pothoven, onder expresse conditien dat hij 'tselve ambacht nergens anders sal mogen exerceren als t'Achterbergh inde Grebbe op Remmerten tot Elst, maer geensints binnen de stadt Rhenen, off aen of bij de huijsen buijten die stadt, dat is aen de buijten molen, het vheerhuijs, of de huijsen buijten de Rhijnpoort, waervoor hij Jaerlijcx op den Teerdagh sal geven aen het gild een kijntjen(?) goet bier.

Ov...dt ..... ge... beteij.... ....(?) , actum Rhenen den 28 februarij 1692.

(Was getekend:)

Reijnier van Pothoven

Michgiel van Oos als gelmeiester

Wijllem Scrose(?) als gijltmeister

Dit merck is gestelt bij Jan Petersen de Rooij

Willem ....... .....(?)

(doot) Op dese is aen dandersijde conditien is o(o)k aengenomen Hermen Henricks van Veelen(?) mits hij allen Jaere op den Teerdach aen het voorschreven Gilt sal betaelen een half vat Bier met sijn Impost oorcont(?) beteij...(?) op den 3e septemb(er) 1699.

(Was getekend:)

..... ... ... ...(?)

Op den(?) te...(?) van d..(?) 3e September 1695 is Reijer Vos tot Gildebroeder aengenomen en heeft sijn proef gedaen.

Op den selfden dito is IJohan Vreeloos(?) mee aengenoomen als gildenbroer.

Op den leendag 1696 is IJohan van Mideldorp int gilt gecomen.

Den selfden dito is Rijnier van Rhijn int gijlt gecoomen en heeft sijn proef gedaen en betaelt.

1706 heeft Huijbert van Varik het Gilt gewonnen en sijn proef gedaen en Betaelt aen het gilt.

Den 17 meert 1712

Jan Dirckse van Eeck hem aengegeven aen het kleermakers gilt om te Achterbergh te gaen en alle ijaer te betale twee gulden op den eersten September.

1713 is int Gilt gekomen em voldaan Lammertje van Bennekom om alle Jaar op den Teerdag te betalen 2 Caroli gul. tot twintig st. het stuck.

1709 den 8 april heeft IJohana de Vael haer selve aen geven om haar meeren te doen aen de gildemester van kleermacker gilt.

1709 den 2 ....(januarien?) heeft den ontvanger van Hoeven hem aengeven in het kleermacker gilt.

1709 een leerkint van Brant de Smit deseijt Herman.

                                                                int ijaer 1710

op de begrafenis van schepe van Alewijck van de boete

schepe van Geer.......................................0-3-0

rentmester van Hoeve..................................0-3-0

Henderick Rose........................................0-3-0

 

                                                                   Den 6 feb.

absent in de kerck

borgemester van Hoeve.................................0-3-0

rentmester van Hoeve..................................0-3-0

Henderick van Mane een vremt knech gehat..............0-4-0

 

                                                                  Den 11 feb.

gebut van het mantgelt................................1-1-8

Huijbert van Varick een vremdt knech gehadt...........0-4-0

                                                                 Den 11 mart

 

geburd van het mant gelt..............................0-18-0

                                                                 Den 9 Maijii

van het maentgelt geburt..............................1-8-0

                                                                       1712

heeft de borgemeester van Hoeve sijn uijtganck van het gilt voldaen.

                                                                       1712

heeft de wedue van de rentmeester van .....(Hoeven?) de uijtganck van haer man gegeve.

                                                                       1712

hebbe de kiende van de wedue Palmert den uijtganck van haer moeder gegeve aen Huijbert van Varik en Hendrik Roose als gildemeesters.

1713 den 26 Augustus heeft Juffr. Rouwers den uijtgank gegeven.

1713 is voor leerknegt aangenomen de jongen van meester Blauw en een ruijter jongen de vader genaemt van Dijk.

1715 een jongen van Hendrik van Man als leerknegt aangegeven en als so betaalt 0-15-0 met namen Jan van Manen.

1714 15 Meert heeft Jacob van Rieberge hem aent gilt aengegeve om tot Achterberg Remmerte Elst en de Greb te mooge werken als kleermaker en heeft het gilt voor sijn ingank voldaen.

Dito voors. Helmert Gerrits vander Horst voor boete -"-3-" (tekst doorgehaald).

1768 heeft Robbert van Prattenburg een leerijongen Aan Geenoomen Aleksander Hermannus Ruijs.

Berent Buemer is int gilt gekomen en sijn proef gedaan en ten volle betaalt in et Jaar 1715.

Jan Pas heeft hem aen het kleer Makers gilt aengegeven om lake winkel te doen.

                                                       op den 23 Martus 1716

Joffrou Sara Mensoo heeft haer aen gegeven aen het kleermakers gilt om lakewinkel te doen.

                                                        op den 3 Mijijus 1716

(tekst doorgehaald - onleesbaar)

1710 (of 1718?) den 6(of 8) Ictober heeft Berent van Geer hem aangeven aan het kleermakers gilt om lake winkel te doen.

1788 Den 8 julij heeft B.C.van Geer zijn proef gedaan en t Gilt voldaan.

Corneles van Rhe heft volkomen sijn proef gedaen op den 8 ijuni en betalt op den 2 september in het ijaer 1717.

den 17 ogustus 1723 heeft de borgemeester Rogaer sijn gilt voldaen.

Den 21 Decemb(er) 1724 heef Petternel van der Hoorst, den uijtganck van haar overleeden vader Helmert van der Hoorst, betaelt -1-10.

1726 den 2 septemb(er) Heeft de weduwe van Garret van Alewijck den uijtganck van haer overleeden Man Garret van Alewijck betaalt -1-10.

1726 Is de soon van Henderick van Manen, als leerknecht aengenomen, genamt Jan van Manen, en den 2 septemb(er) betaalt -0-15.

1728 den 2 sept(ember) hebben de kinderen van Jan Ter Horst den uijtganck van haer overleden vader Jan Der Horst betaelt -1-10.

1728 den 2 sept(ember) heft de weduwe van Willem Wighers den uijtganck van haer overleden man betaelt -1-10.

1729 den 6 september heeft Woutertje van Noort haar aen het kleermaeckers gild aengegeven en voldaen, voorder alle Jaer tebetalen aen het gild ....2....gulden.

IJan Ruijs heeft heeft hem aen gegeve en sijn proef gedaen en betaelt 1725.

1724 heeft IJan Beerentse van Duetekom hem aen gegeve om te Achterbergh te gaen werke en te geve alle ijaer 2-0-0.

in het ijaer van 1718 heft Geret van Allewijck hem aen geven aen het klermakers gilt.

in het ijaer 1718 heeft Willem de Bruijn hem aen geven aen het klermakers gilt 

in het ijaer 1718 den 30 november heft Peter van Prattenburgh volkomen sijn proef gedaen en op den 2 september in het ijaer 1619 betalt.

1729 is Christiaan Ruijs als leer jonge in het kleermaeckers gild aangenomen.

Op huijden Dato, hebben de gildemeesters vant kleermaeckersgild, met de gesaementlicke gildebroeders, gepermiteert dat Dirck van Ommeren sijn dochter genaemt Angeniet van Ommeren, bij Lammertje van Bennekom mag doen, om het kleermaeckers ambagt te leeren exerceren voor een tijt van twee of drie Jaer, nae het goet vinden van den meer gemelden Dirck van Ommeren ende daer voor gehouden sijn te betalen aen het gild vier gulden seventien stuijf. voor het laden vant gild, 12 stijf. voor boode, 6 st. voor den armen, 10 stuijf. op huijden of den eersten september 1728 als sijnde den teerdag, voorder soo sal Lammertje van Bennekom, gehouden sijn, als de boven gemelde Jaren verloopen sijn, het selvige leermeijsken te ontslaen, en niet langer sal moegen bij houden aen het ambaght te exerceeren, oock sal het selvige meijsken, voor of nae de boven gemelden Jaeren, bij geen ander meester, of meesterese, noch op haer eijgen handt, niet sal moegen wercken, alhier binnen dese stadt Rheenen, bevoor en aleer sij haer wederom, aen het kleermackers gild heeft aen gegeven, een na ouder recht het gildt voldaen, actum Rhenen den 8 december 1727.

"ontfangen bij mijn Henderick van Maanen voor het laaden van gilt 2.-, voor den armen 10, nog voor de boode betalt

Dirck van Ommeren 6 stbr.(september).

den 27 IJunii 1727 heeft Willem Wiggers hem aen geve als gildebroeder van het kleremakers gilt

Het ijaer 1727(?) heeft Cornelis van Koten volkomen seijn proef gedaan den november.

den 20 ogustus 1726 heeft Peternella van der Horst den uijtganck van haer vader gegeve van Helmert van der Horst en Peternella van der Horst heeft haer aengegeve als gildesus van het kleremaker gilt en voldaen.

Absente geweest op de begrafenis van de Giltmeester schepen de Vrind

Johannis Vandenbos

schepen de Bruijn

Johan Rolloos

Huijbert van Varik

Henrick Roosen

Gerrit van Driel

dit is geweest op den 10 july(?).

nogh op den 30 september 1716 het gilt geladen inde kerk en aldaar Absenten geweest

Arnoldus van Ommeren

schepen de Nruijn

Adrianus Luijten

Henrik Rooijen

Henrik Vasterik

Berent Buemer

Jan Pas

                                                                       1716

Den 29 december het gilt geladen inde kerk over Gerrit van Alewijk knoopemaker en aldaar absente geweest

Johannis van den Bos

Helmert van der Horst

Gerrit van Vianen

Huijbert van Varik

Henrik Roosen

Berent van Doren

Berent Buemer

Gerrit van Driel

schepen de Bruijn

Den 25 meert 1717 absent geweest op de negrafenis van Rolloos

schepen de Bruijn

Johannis vandenbos

Hnrik Roosen

Berent van Geer

Op den 4 julij 1733 heeft Wouter Eemans hem aen gegeven en sijn proef gedaen

betaelt op den 22 september.

1740 Den 20 April heeft Juffrouw Bossaert haar aan het Kleermaeckers gildt aan gegeven, om lackewinckel te doen, en den 2 sept(ember) voldaen ¦ 7 guld:

Den 2 Septemb(er) 1733 heeft Rolef ver Meer, zijn uijtganck van het kleermaeckers gildt betaelt 1-10-0.

1733 heeft Peter van Prattenburgh een leer jonge aengenomen, genamt Cornelis van Maanen 0-15-0.

1733 heeft de weduwe van Joost Jaersen(?) de Bruijn het uijtsterven betaelt 1-10- van het kleermaickers gilt.

1733 hebben de kinderen van Gaert van Maanen het uijtsterven van haren vader betaelt. 1-10-0

Tegenwoordigh noch levende gildebroeders die mede geteert hebben den eersten septembrens

Daniel Mas

Jan de Rooij

Harman van Aalwijck

Jacob d'ersten Tinis(?) (doot)

Aarnt Wichardts

Jerephaes van Aalwijck (is doot)

Bernst(?) Stip

Willem Rosa

Willem van Brummen

Gerrit de Raadt

Peter van Hoeven

Goossen van Hoeven

Cornelis van Wijck (heeft ge...(?) gecoft en betaelt met ...(?))

Antonij de Vrindt

Roelof Vermeer

Jan Terhorst

Hendrik Vastrick

Huijbert Buddingh

Gerrit Hendricksen

Johanna van Brenck

Jacob Oosterham

Michiel van Os

Johan Cornelis .....(?)

Engel van Holthusen

Goosen van ..(?)

Aert Vergeer

Jost Gertse

Marie van den Oosterkamp -2-0

Naemen vande gildebroers die geteert hebben over deess ijaeren 1701 als volght

Roelof ter Meer

Peter van Hoeven

Hendrick Vastrick

Willem Roossen

Willem van Brummen

Jeeles Meensen

Danil Mas

schepen de Vrint

IJan ter Horst

Michiel van Os

IJohanes Vaeneboosch

Gerret van Maenen

Aert Verger

IJoost de Bruijn

Hendrick van Maenen

Helmert vander Horst

schepen Roloijs

schepen Aelwijck

Adriaen Luijten(?)

Reijijer Moll

IJohan van Middeldorp

Reijnier van Rhijn

Peter Wijnen voor sijn frou

weduwe Wauters(?)

weduwe Palmers

en sijn tot giltmr. over dit ijaer vercooren bij ......(?)

Willem Roossen en Hendrick van Maenen

en hebbe de selve mede geteert in het ijaer 1704 en sijn over dit ijaer verkooren tot gilt meesters IJelis Meesen en Rijijer Mol.

1741 heeft Cornelis van Ree aan genomen als leer jonge Johans Ruijs.

(Doorgehaalde tekst - onleesbaar)

1744 heeft Christiaan van Waarburg seijn proef gedaan en het gildt voldaan 7 guld. den 24 Februaris.

Namen van de giltbroeders die geteert hebben over Den Jare 1706 den 1 September

Roelof Vermeer

de borregemeester van Hoeven

Henderik Vasterik

Willem Roosen

Willem van Bru....(?)

Jeles Meesen

schepe de Vrint

Jan ter Hoorst

Meghiel van Os

Johannis Vanebos

Gerrit van Manen

Aert Vergeer

Joost de Bruijn

Henderik van der Hoorst

schepen Rolloos

Adriijaen Luijten

Reijijer Mol

Johan van Middeldorp

Reijnier van Wijck

Huijbert Va..(?)

Peter Wijne

voor sijn ...(?) en wede. Palmers en wede. Rauwen en sijn tot gildemeers over dit jaer verkooren bij de bormr.:

Willem Roossen

Willem van Brummen

1764 heft Beele .....(?) angeven als baes in het gilt en betaelt.

1764 den 24 Junius heft .. Prattenburg een leerjonge angenomen van den baeme Huijbert Snie..(?)

1762 den 26 september heft Peter van Prattenburg een leerjonge angenomen de soon van Jan ....man(?) en betaelt.

1764 heft Beele Scannenat(?) een leer meijssie angenomen van de weedewe van Tuennes Hietvelt (Rietvelt?).

1773 heeft Christina Wiggers een leermeijssen aangenoomen de dogter van Dirrik Van Ommeren en het gild voldaan aan mij als Gildemeester C. Ruijs Ene Gulde.

1737 den 2(?) april heeft ....(?) aengegeve aen het kleremakers gilt en betaelt Hendrik van Vre...(?).

1755 heeft de Dochter van Wilm Jorisen, genamt Katerina haar aan het Kleermaackers gildt aan gegeven, en voldaan, mits alle Jaar aan het gildt te betaalen 2 gulden Karoli.

1755heeft Robert van Prattenburg sijn proef gedaan den 28 October en het Gilt voldaaen.

1756 heeft Peter Weijne seijn proef gedaan en het gild voldaan.

1758 heeft Christiaan Ruijs seijn proef gedaan en het gild voldaan.

1756 heeft Markes Booms sijn proef gedaen en het Gilt voldadaan.

1757 heeft IJan Coere sijn proef gedaan en het Gilt voldaan.

1774 heeft IJacob de Ras sijn proef gedaan en het gilt voldaan.

1775 heef Hannes Schuerman sijn proef gedaan en het gilt voldaan.

in het ijar 1711 den 1 september

Seger van Druten -0-.-

Antonie van Kesteren

Otto van Gutte...(?)

IJahanna van Alewijck

Lijsbeth Kaspers

Aneke Peters

1767 heeft Jan Vrekenhorst sijn proef gedaan en het Gilt voldaan.

177. den 26 meij heeft Gerrit van den Berg sijn proef gedaan en het gilt voldaan.

1774 heeft Jan Coeree een leerjong aengenome Baarent de Wit.

1774 heeft Jan Frekenhorst een leerijong aengeneeome IJacob van Klaarenbos.

1771 heeft IJan Frekenhorst een leerijong aengenoome Willem van Eijsendoorn.

1773 heeft Robbert van Prattenburg een leerijong aengenome Willem van Wijk.

1772 heeft Peeter Wijne een leerijong aengenome Huijbert van Eijsendoorn.

1764 heeft IJan een leerijong aengenoom IJacob de Ras.

1764 heeft Markes Booms een leerijong aengenoemen Gert van den Berg.

1769 heeft Christiijaen Ruijs een leerijong aengenomen IJan Hendrik Ruijs.

Namen van de Gilt broeders die geteert hebben over desen Jare 1708 den 1 september

Roelof Vermeer

Borgmeester van Hoeven (doorgehaald)

Hendrik Vastrik

Willem Roosen (doorgehaald)

Jelis Meesen

schepen de Vrind

Jan ter Horst

Johannis Banenbos (Johannes Banenbos tr. Rhenen ca. 1695 met Lijsbeth Jans de Ras)

Gerrit van Manen

... van Geer (doorgehaald)

Hendrik van Manen

Joost de Bruijn

Helmert van der Hoorst

schepen Rolloos

schepen Alewijk

Adriijaen Luijten

Johan van Middeldorp

Reijnier van Rijn

Huijbert van Varik

Cornelis van Os

Arnoldus van Ommeren

Peter Wijnen voor sijn vrouw

schepen van Noort voor sijn dochter

Jan Richolt voor Anna de Vruijf

Johannis de Wit voor sijn vrouw

die het werk te AchterBerrigh exerseren

Reijnier van Pothoven

Jan van den Berrigh

Jan Dirksen

Bert van ...(doorgehaald)

Cornelis van Scherpenseel (doorgehaald)

en sijn tot Giltm(eesters) over dit Jaer bij de Burgem(eester) vercooren

schepen Alewijk

Willem Roosen (doorgehaald)

proefm(eester)

Hendrik van Manen(?)

Huijbert van Varik(?)

Namen van de gildebroeders die mede geteert hebben over den jaren 1714

Henrik van Ommeren

Cornelis van Os

schepen van Geer

Helmert van der Hoorst

Gerrit van Manen

Roelof Vermeer

Joost de Bruijn

Johaanis Banenbos

Reijijer Mol

Jelis Meesen

Henrik Vasterik

Arnoldus van Ommeren

Jan ter Hoorst

Jan Rolloos

Huijbert van Varik

schepen de Vrind

Adriaan Luijten

Reijnier van Rijn

Johan van Middeldorp

Berent Wendelen

Henrik Roosen

Aeltje van Brummen

De vrou van Hannes de Wit

1733 heeftRoelof Vermeer sijn uijtganck geven

den de vrou van Asrieanis Luij(ten) heeft haer uijtganck gegeve.

Namen der Giltbroeders die mede getert hebben over desen jare 1715

Roelof Vermeer

Jelis Meesen

Henrik van Manen

Cornelis van Os

Helmert van der Horst

Gerrit van Manen

Arnoldus van Ommeren

Jan ter Horst

Joost de Bruijn

Henrik Vasterik

Johan Rolloos

Huijbert van Varik

Reijijer Mol

Johannis Banenbos

Henrik Roosen

Berent van Doren

Johan van Middeldorp

Reijnier van Rijn

Adrijaan Luijting

schepen de Vrind

Aeltije van Brummen

Namen van de Wollenaaijsters en wedevrouwen

Dirkje van Noort

Lammertije van Bennekom

de vrouw van Johannis de Wit

de wede. van Aerd van Geer

Dierkije de Vaal

de wede. van Jan van Hoeven

de wede. van Gerrit van Alewijk

Die het cantwerk doen Ter Agterberg

Jan Hendriksen

Jakob van Riebergen

Op den 26 november(?) 1717 heeft de dogter van Geret van Allewijk haer aen geven em volkommen het gildt te voldoen en kijnije(?) bier op de terdagh te geven.

1718 6 ijanuari heft Gijsbert Basteijan de ..(?) hem aen het klermakersgilt geven aen geven om dat alteij.. te voldoen...(?)

De namen van de gildebroeders en suster die gilde behoore int ijaer 1722 sijn dese navolgende

Roelof ver Meer

IJeles Meese

IJost Vasterik

Gerret van Mane

Reijnier van Rijn

Adrieijaen ...(?) Luijten

Johannis Middeldorp

Berent van Doren

Hendrick Roose

Berent Bemmel(?)

Dirck Roggaer borge Meister

Reijnier Mol

IJohannis Banebos

Hendrick van Mane

Cornelis van Os

Helmert van der Horst

Willem de Bruijn

Berent van Geer

IJost de Bruijn

IJan ter Horst

Aernoldus van Ommere

Huijbert van Vareck

Gerret van Alewijk

Cornelis van Ree

IJan Pas

Peter van Prattenburg

Aeltije van Brummen

Sara Menso

Dirckije de Vael

Lammertije van Bennekom

de vrou van IJohannus de Wit

Eliesabet fan Brenck

in gilt ijaer 1734

heeft IJohannis van Meene sijn proef gedaen en betaelt

in gilt ijaer 1734

heeft de heer Laeth(?) hem aen gegeve aen het kleremakersgilt

(De rest van het boekje bevat blanco, onbeschreven, bladzijden)